Column Leo Fijen: Hemelpost

Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.

In de tuin van de abdij van Egmond staat een bijzondere boom. Daar komen mensen van heinde en verre naar toe om hun naasten te gedenken. Ze leggen daar steentjes neer, met de naam van hun dierbaren erop. Zo liggen er nu honderden stenen, in de schaduw van al het groen dat ook een naam heeft gekregen: herinneringsboom.

Ruim een jaar geleden ben ik daar mee begonnen, samen met de mensen van het hospice van Egmond aan Zee en met de broeders van de abdij. Hoe gek het ook klinkt, maar die oeroude boom is een groot succes. Want daar vlakbij staat ook een kastje, met een boek daarin. Binnen het jaar is dat helemaal volgeschreven, met hemelpost. Dat zijn verhalen van kinderen en kleinkinderen, vaders en moeders, broers en zussen, partners en vrienden aan hun dierbare overledenen.

Je zou het ook anders kunnen zeggen: ze schrijven naar en praten daar met de hemel. Dat is natuurlijk fantastisch, want dat intentieboek en die boom voorzien in een behoefte. We willen blijkbaar allemaal wel praten met onze dierbare naasten die ons zijn ontvallen.

Er is echter één probleem: we krijgen bijna nooit antwoord. In die zin lijkt het eenrichtingsverkeer. Maar soms, heel soms laat de hemel wel van zich horen. Dan krijgen we antwoord, op een verrassende manier die je niet voor mogelijk houdt. Al veel langer praten we als broers en zussen met onze overleden ouders, zonder ooit een teken van leven te krijgen.

Vorige week werd alles anders met een appje van mijn jongste zus: of we onze mail goed wilden lezen en akkoord konden gaan met een voorstel van de bank om een resterend bedrag van onze ouders uit te betalen. Ze zijn al bijna 20 jaar dood, hun graven staan op het punt om geruimd te worden en dan laten ze van zich horen via de bank: of we prijs stellen op een klein bedrag uit een doorlopend krediet. We konden onze ogen en oren niet geloven: zoveel jaar na hun sterven toch nog een teken van leven. Het gaat niet om het geld, want dat kan zo naar een goed doel. Nee, het betreft hier iets veel groters: de hemel geeft ons soms een ontroerend teken van leven, dank u wel lieve vader en moeder.

Deze column van Leo Fijen staat in KRO Magazine 37. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Column Leo Fijen: Ritueel

Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.

Vorige week zondag in de Arena ging ook ik staan voor Lisa om samen met ruim vijftigduizend toeschouwers te klappen voor deze moedige jonge vrouw die op gruwelijke wijze om het leven werd gebracht.

Als er geen woorden meer over zijn, helpen rituelen om nabestaanden een hart onder de riem te steken en je in je eigen machteloosheid verbonden te weten met zovelen. Dat troost, al spreek je geen woord.

Naast mij zaten twee Vlamingen die ook opstonden en heel goed beseften wat er om de hoek van de Arena gebeurd was: een jonge vrouw vermoord, midden in de nacht. Ze klapten mee voor Lisa en haar familie en deelden zo in dit eigentijdse ritueel. Ze vertelden daarna dat ze het bijzonder vonden hoe Nederland in beweging komt: met acties om de nacht weer op te eisen, maar ook met initiatieven om in grote steden aandacht te vragen voor vrouwen die vermoord worden. Het gebeurde allemaal in de zeventiende minuut, vanwege de zeventien levensjaren van Lisa. Maar vanaf dat moment waren mijn gedachten toch elders, bij alle vrouwelijke slachtoffers die al zoveel jaar eerder waren vermoord. Overdag op de terugweg van school naar huis, thuis overvallen door haar eigen partner of door haar ex, maar ook op klaarlichte dag in je eigen huis afgeslacht worden door je buurman.

Ik keek naar een voetbalwedstrijd en dacht aan alle nabestaanden die ik in de weken voor Kerstmis vaak zie. Dan noem ik de namen van hun kinderen en steken nabestaanden een kaarsje op bij de foto. Daar in de Arena zag ik de gezichten voor me die naar de foto van hun kind, broer of zus lopen en het verdriet van 30, 25 of 20 jaar met zich mee dragen. Daar zijn ook geen woorden voor. Dat is te groot en te verdrietig.

Ik ken vele ouders persoonlijk en nam me die zondagmiddag voor hen op maandag te bellen: om te zeggen dat ik aan hen denk deze dagen. Ze vinden het geweldig dat Nederland zo in beweging is gekomen. Ze vertellen ook: het is van alle tijden, alle plekken, alle dagdelen dat dierbaren vermoord worden. Het gemis wordt alleen maar groter. Toch hebben ze de moed om, met vallen en opstaan, door te gaan met leven. Die moed bewonder ik in hen.

Deze column van Leo Fijen staat in KRO Magazine 36. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tim de Wit: ‘Ik moest mezelf opnieuw uitvinden’

Jarenlang was Tim de Wit buitenlandcorrespondent, maar sinds deze maand vormt hij met Jeroen Pauw het vaste presentatieduo van ‘Pauw & De Wit’. Hij is nu verantwoordelijk voor een talkshow die zijn eigen naam draagt. ‘Ik heb geleerd in het diepe te springen.’

Als jonge journalist vertrok je naar Zuid-Afrika om daar correspondent te worden. Hoe was dat?

“Ik was 27. Als ik alles van tevoren had geweten, was ik er misschien nooit aan begonnen. Het was één groot avontuur. Ik wilde graag naar het buitenland, maar ik had bijna geen spaargeld en weinig opdrachtgevers. Het was spannend of het zou lukken. Mijn ouders hebben me altijd verteld ‘Als je iets wilt bereiken, moet je daar hard voor werken en er alles voor doen.’ Mijn houding was: laat ik het gewoon proberen. Het is een instelling die me tot vandaag helpt. Wat is nu het ergste dat kan gebeuren? Lukte het niet in Zuid-Afrika, kon ik toch gewoon na een halfjaar het vliegtuig naar huis nemen en een baan zoeken? En als blijkt dat Pauw & De Wit toch niet bij me past, ga ik gewoon iets anders doen. Ik heb genoeg andere journalistieke ervaring en ben niet afhankelijk van het presenteren. Dat geeft rust. Ik heb geleerd in het diepe te springen. Tot nu toe gaat dat altijd goed.”

Je bent veertien jaar buitenlandcorrespondent geweest. Kostte het je moeite om weer te aarden in Nederland?

“Gek genoeg is Nederland altijd mijn thuis geweest. Ik wist dat ik uiteindelijk toch hier wilde wonen; bij mijn vrienden en familie. Hoe heerlijk het ook was in Zuid-Afrika met dat klimaat en die natuur, in Berlijn met al z’n geschiedenis of in Londen, waar op cultureel en sportief gebied van alles te beleven is. Het correspondentschap kostte veel energie, dat voelde ik vooral in Londen. Had ik op zondag iets gepland met vrienden, belde Nieuwsuur me ’s ochtends uit bed om te vragen of ik een item over de Brexit kon maken voor die avond. Kon ik alles afzeggen. Het was mooi geweest. Ik ben nog steeds veel met werk bezig, maar op een andere manier. In de weekenden hoef ik niet meer bang te zijn dat mijn telefoon voortdurend gaat.”

Door ‘Pauw & De Wit’ word je een van de belangrijkste Nederlandse tv-presentatoren. Is er sprake van een uitgestippelde carrièreplanning?

“Het was beslist geen vooropgezet plan. Eenmaal terug in Nederland moest ik mezelf echt opnieuw uitvinden, want iedereen kende me als correspondent. Dat was best spannend. Ik was in Londen al begonnen met de podcast Europa draait door en beleefde daaraan veel plezier. Ik wilde proberen om daarmee de kant van de radio op te gaan. Tot mijn grote vreugde kon ik bij Bureau buitenland terecht, wat aansloot bij mijn interesse. Omdat ik als tafelgast in talkshows regelmatig over Engeland mocht praten, nodigde BNNVARA me uit voor een screentest als invaller van Bar laat. Ik had geen idee of dat bij me zou passen. Gewoon proberen, dacht ik weer. Tot mijn eigen verbazing werd ik uitgekozen. Ik wist: nu wordt het serieus. Ik vond het echt leuk om aan zo’n tafel te zitten en die gesprekken te leiden over Trump, de oorlog in Gaza en de Nederlandse politiek. Alles kwam daar samen. En nu dus dit.” 

Het hele interview leest u in KRO Magazine 36. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Bram de Graaf

DigiGids: The Wrong Paris en Op oorlogspad

KRO Magazine zet in iedere editie de beste online kijktips op een rijtje, met soms ook nog een mooie podcast. Dit is de oogst van week 36:

Diep in de bossen van Finland

De Zweedse politieagent Hannah Wester (Eva Melander) woont en werkt in Haparanda, een afgelegen plaatsje aan de grens met Finland. In de lokale bossen vindt ze het door wolven aangevreten lichaam van een man die ze kan traceren naar een drugsdeal, die een heel bloederige wending heeft gekregen. Het geld en de drugs zijn spoorloos, maar een professionele moordenaar is vastbesloten de buit terug te vinden. De misdaadserie Cry wolf is gebaseerd op een boek van Hans Rosenfeldt, schrijver van de Scandinavische successerie The bridge. Vanaf 11 september staan alle afleveringen van Cry wolf op NPO Plus.

Meer Zeeuwse oorlogshistorie

De historische dramaserie Het grote offensief (vanaf zondag 7 september om 21.20 uur op NPO 1) laat zien wat er gebeurde in de periode tussen D-Day en de bevrijding van Zeeland. De Slag om de Schelde is daarin een belangrijk hoofdstuk. In de documentaireserie Op oorlogspad van Omroep Zeeland trekt Klaas van de Ketterij met militair historicus Hans Sakkers door de provincie, op zoek naar plekken die herinneren aan de gevechten en bombardementen in de herfst van 1944. Ze staan onder meer stil bij de resten van de Atlantikwall, de Slag om de Sloedam en de bevrijding van Middelburg.

Dat was niet het Parijs dat ze bedoelde…

Dawn woont in Texas, maar hoopt op een leven als kunststudent in Parijs. Ze wil haar droom waarmaken door als kandidaat mee te doen met het datingprogramma The honey pot Paris. Als de opnames beginnen blijkt echter dat het programma niet wordt gefilmd in de Franse hoofdstad, maar in het gehucht Paris in Texas. Dawn doet er alles aan om zo snel mogelijk naar huis te worden gestuurd, maar dan valt ze voor een charmante cowboy. De hoofdrol in de romcom The Wrong Paris is voor Miranda Cosgrove, die als kindster bekend werd door de tienerserie iCarly. Vanaf 12 september op Netflix.

Dit en meer leest u in KRO Magazine 36. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden. Een vraag? Mail naar digigids@kromagazine.nl.

Suse van Kleef: ‘Voetbal blijft een mannenbastion’

Als Nederlands eerste vrouwelijke voetbalcommentator is Suse van Kleef pionier in een mannenwereld. Ze werkt hard, legt kritiek naast zich neer en geniet ondertussen van de sport. ‘Ik wil niet achterover gaan leunen.’

Wat wilde je als kind worden?

“Voetballer of journalist. Maar dat was op een leeftijd dat ik nog dacht dat meisjes ook professioneel konden voetballen. Een paar jaar later speelde ik in het Nederlands jeugdelftal en met een meidenteam in de jongenscompetitie. We speelden ook in de meisjesbeker. Niet vanwege de competitie, want daar wonnen we regelmatig met 20-0. Maar wel omdat de finale op De Toekomst werd gespeeld. Dat vonden wij helemaal te gek, omdat de voetballers van Ajax daar trainden. Eigenlijk best tragisch, dat we daar al blij mee waren. Moet je nagaan hoever dat doel om zelf prof te worden buiten beeld was.”

Was je maar tien jaar later geboren?

“Zo voel ik dat helemaal niet. Ik vind het heel mooi dat die kansen er nu wel zijn. En ik ben nog steeds ontroerd als ik in een vol stadion kom waar het Nederlands elftal speelt en kinderen shirts dragen met de namen van Miedema of Martens. Het is mooi dat er vrouwen van mijn generatie wel hebben doorgezet. Dat ze zijn doorgegaan, Europees kampioen zijn geworden, wegbereider zijn geweest en de wereld een beetje veranderd hebben.”

Jij bent de eerste vrouwelijke voetbalcommentator. Voel je jezelf ook wegbereider?

“Dat was een reden om het te doen. Ik vind het belangrijk dat meisjes zien dat dit ook iets voor hen is. Het was geen logische keuze na mijn correspondentschap en het had een afbreukrisico. Ik vond ook niet dat ik het per se moest doen, maar wel dat iemand dat glazen plafond moest doorbreken. Ze kwamen bij mij uit omdat ik ervaring op radio en tv heb, iets weet van voetbal en sterk genoeg in mijn schoenen sta om negatieve reacties naast me neer te leggen.”

Het hele interview leest u in KRO Magazine 34/35. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Maarten van der Meer

DigiGids: Sommerdahl en The Thursday Murder Club

KRO Magazine zet in iedere editie de beste online kijktips op een rijtje, met soms ook nog een mooie podcast. Dit is de oogst van week 34/35:

Nieuwe start voor Sommerdahl

De Deense rechercheur Dan Sommerdahl (Peter Mygind) kan eindelijk wat hoofdstukken afsluiten nu crimineel Otto in de gevangenis zit en zijn vriendin Josefine is vrijgelaten. In het zesde seizoen van The Sommerdahl murders bereidt het koppel zich voor op een huwelijk, maar natuurlijk heeft dan het ook weer druk met zijn werk. Dit keer onderzoekt hij onder meer de verdrinking van een bekende influencer, een dodelijk ongeluk met de winnares van een schoonheidswedstrijd en de moord op een kankeronderzoeker in het laboratorium. Op 28 augustus staat het volledige zesde seizoen op NPO Plus. Daar zijn ook alle eerdere seizoenen terug te kijken.

Joodse verhalen uit Nijmegen

Een podwalk is een podcast om te beluisteren tijdens een wandeling. Onderweg vertellen de makers over bijzondere plekken langs de wandelroute. De podwalk Joodse verhalen uit Nijmegen voert de luisteraar door het centrum van Nijmegen en vertelt aangrijpende verhalen over de Jodenvervolging tijdens de oorlog. De stemmen van acteurs Claire Bender en Bram Suijker herinneren aan de geschiedenis op 25 verschillende plekken. Daaronder het station waar de Joodse burgers op transport werden gezet en een apothekerswoning waar onderduikers zaten, vlak onder de neus van de Duitse ordepolitie.

Moordmysterie met sterrencast

In een bejaardenhuis delen vier hechte vrienden een fascinatie voor misdaad en een passie voor moordmysteries. In The Thursday Murder Club besluiten de voormalige spion, vakbondsleider, psychiater en verpleegster om hun persoonlijke talenten weer eens nuttig te gebruiken en gezamenlijk een echte moord op te lossen. Deze komische misdaadfilm naar de gelijknamige bestseller van Richard Osman heeft een ware droomcast metacteerveteranen Helen Mirren, Pierce Brosnan, Ben Kingsley en Celia Imrie – en dat zijn nog maar de hoofdrolspelers. Chris Columbus, de maker van de eerste twee Harry Potterfilms, deed de regie. Vanaf 28-8 op Netflix

Dit en meer leest u in KRO Magazine 34/35. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden. Een vraag? Mail naar digigids@kromagazine.nl.

Column Leo Fijen: Nummer 1

Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.

Al meer dan zestig jaar nummer één. Dan bedoel ik niet de Amsterdamse held voor altijd, Jopie Cruijff, levensgroot afgebeeld op een muur in zijn eigen Watergraafsmeer. Nee, dan heb ik het over een andere Jopie, een paar honderd meter verder op, hoek Middenweg en Van ’t Hofflaan.

Daar woonde ze op nummer één, meer dan zes decennia. Met haar man en negen kinderen, in tien jaar geboren. Ze was er gelukkig en deed haar doopnaam Theresia eer aan. Daar zit ook het woord terra in, hetgeen aarde betekent. Ze was van de aarde, een boerendochter, ze bleef van de aarde, een boom met heel veel takken, een moeder die vrucht droeg, niet alleen met haar kinderen, maar ook in haar dienst aan de naaste. Ze was een sterke vrouw die ook haar andere doopnaam voorleefde, Johanna. Dat was één van de vrouwen bij het lege graf van Christus, een ooggetuige van het leven dat niet eindigt bij de dood.

Zo leefde deze moeder Jopie ook, als een vrouw die na het te vroege overlijden van haar geliefde man maar liefst 35 jaar alleen de kar trok en zo haar kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen nieuw leven gaf. Die moeder Jopie las tot haar dood altijd deze column en had een laatste wens: ofi k haar wilde bijstaan op weg naar haar eigen dood. Dat heb ik gedaan, met alle gastvrijheid van haar kinderen die me lieten delen in de grootste intimiteit.

Midden in de zomer zat ik aan haar ziekbed op nummer één. Haar kinderen stonden rondom moeder, in die knusse woning waar ze grootgebracht waren. Als zestigers en zeventigers deelden ze in de communie van hun moeder die allen een stukje van haar hostie gaf. Zo gaf ze ieder kind mee dat haar naderende dood niet het einde was. De kinderen toonden daarop hun liefde aan moeder Jopie. En dat deden ze ook bij de uitvaart.

De zonen droegen moeder, de dochters vereeuwigden de naam van moeder bij het Ave Maria. En samen liepen ze over de Middenweg om moeder Jopie nog één keer langs nummer één te brengen. Daar wist iedereen: nummer één in de Van ‘t Hofflaan was de hemel op aarde. Moeder Jopie werd net geen eeuweling, maar rust nu wel in de eeuwige vrede van God.

Deze column van Leo Fijen staat in KRO Magazine 34/35. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Column Leo Fijen: Nu

Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.

Al mijn oude bekommernissen vallen bij een ziekte weg en ik word teruggebracht tot het wezenlijke. Zo kan ziekte een leverancier van wijsheid kan worden voor de tijd die je nog gegeven is. Deze woorden heb ik altijd bewaard zoals ik dat vaker doe met levenslessen. En deze woorden komen vol op mijn netvlies terug als ik deze zomer naar sport kijk.

Eerst is er Ann-Katrin Berger, de keeper van Duitsland, twee keer getroffen door kanker, twee keer genezen, maar nooit helemaal zeker of die sluipmoordenaar niet een derde keer terugkomt. Een litteken in haar nek herinnert aan de ingrepen en de verschillende vormen van therapie. En toen ze steeds meer vragen over dat litteken kreeg, heeft ze juist daar een tattoo laten plaatsen met de veelzeggende tekst: alles wat we hebben is nu.

Al voordat de vrouwen gingen voetballen om de titel van Europees kampioen, had deze Ann-Katrin Berger gezegd dat het niet gaat om resultaten en titels. Juist als je ziek bent geweest, weet je dat iedere dag telt en dat elke keer het heden een geschenk is. Als je zo kunt leven, is al het andere bonus en word je innerlijk vrij en geniet je meer van alles wat je extra geschonken krijgt. In die zin is haar ziekte de weg naar een andere levenshouding geworden. Misschien is het daarom geen toeval dat ze in de kwartfinale de sterren van de hemel speelt. Ze stopt onhoudbare ballen en ze redt haar ploeg bij de strafschoppen. En toch zegt zij na afloop: alles wat we hebben is nu.

Die relativering draagt haar als ze in de halve finale niet vrijuit gaat bij de winnende goal van Spanje. Diezelfde week is er een andere topsporter die met hetzelfde verhaal komt, Thijmen Arensman. Hij kan niet genieten van het fietsen, legt zichzelf te veel druk op en kijkt zijn diepste angst in de ogen. Pas als hij zijn zwakte aanvaardt, met behulp van familie en andere topsporters, legt hij alle beperkingen af en schrijft hij geschiedenis: als eerste Nederlander wint hij op heroïsche wijze een bergrit in de Pyreneeën én de Alpen.

Zo gaat het in de sport, zo is het leven. Als je je eigen afgrond kent, kun je schitteren en ben je extra dankbaar voor de dag van vandaag.

Deze column van Leo Fijen staat in KRO Magazine 32/33. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Geheimen van Flevoland

Geheimen van Flevoland Voor een fijne zomer hoef je echt niet naar het buitenland. Nederland is prachtig en dichtbij. In deze rubriek tippen verslaggevers en programmamakers van regionale omroepen de mooiste plekjes in hun regio. Deze week: Odeke de Jong van Omroep Flevoland deelt pareltjes uit Flevoland.

Cultuur: Twee eilanden

“In de Noordoostpolder zijn twee voormalige Zuiderzee-eilanden op een dag te bezoeken. Het eiland Schokland is in 1859 ontruimd, en heeft een tragische geschiedenis. Voor wie zijn ogen dichtdoet, klinkt het ruisen van de bomen als het klotsen van het zeewater lang, lang geleden. Er is een prachtig museum dat de geschiedenis van het eiland vertelt, van prehistorie tot ontruiming. Op Urk raad ik een ginkiestocht aan, een wandeling met een gids door de nauwe steegjes. Ga op een dag dat de visafslag open is en de vuurtoren beklommen mag worden. Waarschuwing: kom niet op zondag. Hier geldt absolute zondagsrust.”

Natuur: Zeearenden

“Ga vooral met een boswachter op pad in de Oostvaardersplassen tussen Almere en Lelystad. Daar zijn onder meer zeearenden te spotten die vanwege hun spanwijdte ook wel ‘vliegende deuren’ worden genoemd. In het voorjaar zijn er zo’n twintig in het gebied, die allemaal op zoek zijn naar een partner. Een datingplek voor zeearenden. Maar er is meer natuur. Natuurpark Lelystad heeft een wandelroute langs allerlei dieren zoals elanden, wisenten en przewalskipaarden. Veelal bedreigde dieren, en via het fokprogramma worden de Lelystadse exemplaren in heel Europa uitgezet.”

Strand: Wellerwaard

“Ik snap nooit waarom mensen in de file gaan staan voor een overbevolkt Zandvoort of Scheveningen. Hier in Flevoland hebben we tientallen kilometers strand. Het is er ook vrij rustig, al hebben de Duitsers het inmiddels wel ontdekt. Voor die stranden moet je aan de kant van de randmeren met de Veluwe zijn. Daarnaast zijn er tal van binnenmeertjes met stranden. Bijvoorbeeld de Wellerwaard bij Emmeloord.

Het hele artikel leest u in KRO Magazine 32/33. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Zomergesprek Peggy Vrijens: ‘De zomer brengt mensen samen’

Terwijl de wereld wankelt, is klein geluk vaak dichterbij dan gedacht. Deze zomer staan we stil bij die kleine momentjes van verrukking en plezier. Deel 5: wat maakt Peggy Vrijens gelukkig?

Waar moet een vakantie voor jou aan voldoen?

“Samen zijn met de mensen van wie ik houd. Beetje lummelen, zon en dat het ontspannen is. We wilden eerst naar Canada gaan, maar hebben dat plan toch maar afgeblazen. Ik draai deze zomer voor Woeste grond en kan maar twee weken weg. Als de opnames klaar zijn, start ik meteen met een theatertournee. Twee weken door Canada crossen werd te omslachtig. We willen ook iets van het land zien, wat zou betekenen dat we alleen maar onderweg zouden zijn. De ouders van mijn vriend hebben een fantastisch huis in Frankrijk. Het leek ons een beter idee om met z’n allen daarheen te gaan.”

Wat maakt die plek zo fijn?

“De tuin is gigantisch, we zetten een zwembad op zodat de kinderen lekker kunnen zwemmen. We maken een wandeling, of gaan kajakken op het meer in de buurt. Gewoon lekker zíjn, vooral dat. Naarmate ik ouder word, heb ik meer behoefte aan stilstaan en niets doen. Of nou ja, je zult me niet zo snel de hele dag op een bedje in de zon vinden, maar ik kan me helemaal verliezen in het maaien van het gras. Er is zo’n trekker waar je op kunt zitten om van die groene banen te maaien. Of de rotte hortensia’s eruit knippen, onkruid wieden in de moestuin, allemaal dingen waardoor mijn drukke hoofd tot rust komt. De geur van gras, het geluid van de vogels, de aarde tussen mijn vingers… zalig. O ja, én broodbakken, dat ga ik ook doen.”

Vertel…

“Het is een oud Frans huis, helemaal opgeknapt. Met dikke muren, een grote keuken en in elke kamer een haard. Als ik daar ben, ga ik bakken. Brood is enorm bewerkelijk: kneden, anderhalf uur laten staan, weer kneden, weer laten staan… ik ben er de hele dag mee bezig. Dat brood eten we vervolgens in één avond op, maar de volgende dag doe ik het gewoon opnieuw. Bezig zijn met de primaire dingen, een soort eenvoudig leven, dat is zomers geluk.”

Hoe houd je dat gevoel vast als je weer terug bent in Nederland?

“Dan gaat alles weer gewoon door natuurlijk, maar dat zomerse geluk blijft wel bij me. Ik houd van de zomer, lééf voor de zomer. Ik ben opgegroeid in Maastricht, waar je een liedje hebt ‘Wat is ’t laeve sjoen es de zon sjeint.’ (‘Wat is het leven mooi als de zon schijnt’). Dat is ook echt zo: alles is leuker als de zon schijnt. Iedereen is vrolijker, iedereen gaat naar buiten, waardoor je veel meer mensen tegenkomt. Ik woon in een heel leuke straat met brede stoepen en picknicktafels. Als ik thuis werk, ga ik daar vaak zitten. Tijdens de lunch schuiven er buren aan en eten we met z’n allen. Zoveel fijner dan wanneer we allemaal binnen zitten met de kachel aan. Omdat ik ‘s zomers de dagen intenser beleef, kan ik er meer van genieten. Laatst was het een mooie dag waarop ik vrij was; toen zijn mijn dochter en ik lekker naar het strand gegaan. De zee, een beetje rondscharrelen, het zand tussen je tenen, loomheid en vrijheid.”

Het hele interview leest u in KRO Magazine 32/33. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Deborah Ligtenberg

Back to top