Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV. Daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.
De mooiste overwinningen komen uit de lucht vallen. Samen met collega’s stapte ik juni 1988 in het vliegtuig richting Wenen om verslag te doen van het pausbezoek aldaar. Zonder enige illusie, want bij het inchecken hoorden we dat Nederland aankeek tegen een 1-0 achterstand in de halve finale van het Europees Kampioenschap. Het voelde als het oude liedje: beter voetballen en toch verliezen. Dit gaf trouwens wel veel rust tijdens de vliegreis.
Maar alles veranderde toen we nog maar net geland waren en de piloot hoorde juichen: Marco van Basten had in de laatste minuut de nooit gedachte winnende treffer gemaakt. Een goal voor de eeuwigheid, zo zag ik later. Van Basten gleed de historische goal binnen, zoals alleen hij dat kon doen. We waren in Oostenrijk en we voelden ons Hollander, meer dan ooit.
Precies daarom is voetbal relevant: we worden door bijna niets meer samengebonden in deze tijd, niet door morele leiders, niet door politieke leiders, niet door vertegenwoordigers van kerken. De polarisatie was nog nooit zo groot en pijnlijk. Behalve als we het goed doen met Oranje en worden samengebonden tot één gemeenschap.
Voetbal verbroedert en overstijgt herkomst, religie, talen en culturen. Laten we daar zuinig op zijn. In 1988 keken we met een paar collega’s de finale in ons hotel. We hebben staan juichen bij de onwaarschijnlijk mooie treffer van Marco van Basten.
Dat is een andere waarde van sport: dat je door de spanning en schoonheid alles vergeet. De spits van Oranje scoorde uit een onmogelijke hoek en zorgde ervoor dat we elkaar om de hals vlogen. Nederland haalde toen voor het eerst en laatst een grote titel.
En dat zal voorlopig zo blijven, vrees ik. Daarom denk ik nog maar even terug aan oktober vorig jaar, op een regenachtige avond in Utrecht. Ik was daar met jongens van elf en tien jaar jong. We moesten deze uitwedstrijd winnen om kampioen te worden. Tien minuten voor tijd stonden we nog met 4-2 achter om in de laatste minuut alsnog te winnen. Ik was trainer en coach van dat team. We vielen elkaar in de armen. En ik was weer even kind met de kinderen. Dat is ook voetbal: dat je weer even mag juichen als een kind, zelfs als je 70 bent.
Reageren? Dat kan via mailbox@kromagazine.nl of Postbus 23200, 1202 ED Hilversum