Leo Fijen
Column
17 maart 2026
Fotocredit: Peter Beemsterboer

Column Leo Fijen: Zondagmiddag

Leo Fijen was tot november 2019 hoofdredacteur Levensbeschouwing bij KRO-NCRV. Daarna is hij deels met pensioen gegaan en zal hij als presentator aanblijven en adviezen geven aan de directie op het gebied van levensbeschouwing. In KRO Magazine schrijft hij wekelijks een column over zaken die hem opvallen of bezighouden.

Soms zijn er van die momenten dat je niet weet waarom je in beweging komt. Zoals afgelopen zondag toen ik thuis uit het niets zei dat ik even langs wilde bij de oude en wijze man die al een tijd niet in de kerk was geweest.

Hij is een van onze buitenparochianen. Tot voor kort kwam hij op de fiets naar ons toe, iedere zondag op dezelfde plaats achter in de kerk. En voordat de viering begon, rookte hij altijd zijn pijp, zittend op zijn fiets, gehuld in een trainersjas van de plaatselijke voetbalvereniging. Daarom was steeds weer de eerste vraag: hoe heeft je club gespeeld? En dan begon hij een verhaal van clubliefde door alles heen.

Zo’n man is hij, trouw aan zijn club, trouw aan zijn gezin, trouw aan het geloof en onze kerk, trouw ook aan de plaatselijke politiek. Want daar was hij een grootheid, met de langste jaren als raadslid. Rens heet hij, lang van stuk, oud in jaren, wijs geworden door schade en schande, altijd geheel zichzelf en thuis in alle subculturen van onze plaatselijke samenleving.

Mensen als Rens zijn er te weinig in onze tijd. Te vaak leven we in onze eigen bubbels, die van het gezin, de school, de kerk of de sportclub. Maar we zijn niet present in meerdere bubbels tegelijk. Daarom raakt ook het dorp gefragmenteerd, net als de wijk of de buurt in een stad. Rens leefde in meerdere bubbels tegelijk, die van het voetbal, de politiek, de kerk, het dorp en het gezin. Hij bracht cohesie aan in een lokale samenleving die inmiddels vaak op drift is geraakt; hij verbond in zijn unieke persoon vroeger alle bubbels.

Zijn belangrijkste plek was thuis. Daar trof ik hem die zondag aan, in de tuin, met een verband om zijn hoofd. Wit weggetrokken zat hij daar op een stoel, verlangend naar het einde. Toen kwam zijn vrouw naar buiten. “We wilden je net bellen, Rens vroeg naar je, hij wil niet meer, het leven is op”, zei ze. Ik keek opzij en zag een dodelijk vermoeide man die God al vaak gesmeekt heeft om hem te halen. We baden samen een Onze Vader en een Wees Gegroet, hij deelde de hostie met zijn vrouw. En ik dankte God dat ik hierbij mocht zijn.

Deze column van Leo Fijen staat in KRO Magazine 12. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Back to top